Stap 5

Alweer is dit een makkelijke stap, die maar één algoritme nodig heeft. Het probleem met deze stap is dat het om veel verschillende situaties gaat, die ik achter elkaar zal opsommen. Al deze gevallen zijn anders, dus je moet goed opletten! Het verschil zit hem steeds in of je links of rechts begint, en of je het algoritme 1 of twee keer moet doen.

Alle hoeken zitten goed gedraaid

Je kunt nu (RB)105 doen of (HA)4, ook wel lachen genoemd (hahahaha).

Één hoek zit gedraaid

Iemand heeft aan je kubus gezeten. Zoek uit wie het was en zet ze op hun nummer!

Twee hoeken zijn gedraaid

Dit valt in twee categorieën, waarbij je moet letten op de stickers die dezelfde kleur hebben als de middelste sticker van de laatste laag:

  1. De stickers wijzen dezelfde kant op. Doe nu
    [rubik alg=”R’ D’ R D’ R’ D2 R L D L’ D L D2 L’” mode=”PLL” initscript=”z2″]
  2. De stickers wijzen naar buiten. Doe nu
    [rubik alg=” R’ D2 R D R’ D R L D2 L’ D’ L D’ L’” mode=”PLL” initscript=”z2″]

Drie hoeken zijn gedraaid

Draai de onderkant tot je de opgeloste hoek aan de voorkant hebt. Is de linker hoek opgelost, dan doe je
[rubik alg=”R’ D’ R D’ R’ D2 R” mode=”PLL” initscript=”z2″]
Is de rechter hoek opgelost, dan gebruik je het spiegelbeeld
[rubik alg=” L D L’ D L D2 L’” mode=”PLL” initscript=”z2″]

Vier hoeken zijn gedraaid

Dit valt weer in twee categorieën

  1. Alle stickers staan tegenover elkaar. Houdt de stickers aan de linker en rechterkant, en doe
    [rubik alg=” R’ D’ R D’ R’ D2 R R’ D’ R D’ R’ D2 R” mode=”PLL” initscript=”z2″]
  2. De stickers aan de achterkant wijzen dezelfde kant op, en de stickers aan de voorkant wijzen naar buiten. Dit heet ook wel handen-en-voeten (wat je je misschien kan voorstellen). Doe nu
    [rubik alg=” R’ D’ R D’ R’ D2 R (u) R’ D’ R D’ R’ D2 R” mode=”PLL” initscript=”z2″]